Afgelopen week logeerde ik in Amsterdam in het huis van Eline (mijn dochter) en Joost (haar vriend).  Zij waren op vakantie en Arnoud (mijn zoon) was naar een shinkendo seminar. Dus de labrador is uit logeren gegaan en ik ben naar Amsterdam vertrokken. Leuke stad Amsterdam. Rotterdam trouwens ook en ook Nunspeet is leuk. Zolang je jezelf en een goed humeur meeneemt is het overal leuk.

Rozeboom

Bij mij in de buurt heb je ijs van Rozeboom (Gortel en Vaassen). Erg lekker en dat eten we al jaren. Vanaf midden jaren 90, toen de kinderen nog klein waren. Was een uitstekende motivatie voor de kinderen om naar Gortel te fietsen. Met een ijsje als beloning. Maar ja, daarna moesten ze ook nog terug naar huis fietsen. Zonder beloning, al redelijk moe en helemaal geen zin meer om te fietsen. Je kent het wel: na de verbale aanmoedigingen doe je je rechterhand op de rug van het kind en duwen maar. Kilometers lang. Goede training voor jezelf. Fietsen en duwen en het kind vindt het fijn. Tenminste die van mij wel. ‘Harder papa!’ schreeuwden ze mij vooruit. Dat riepen ze ook altijd in de auto op de Duitse autobahn. Vond ik ook leuk en veel minder inspannend.

IJscuypje

In Amsterdam heb je ijssalon IJscuypje. Niet 1; het zijn er veel meer, IJscuypjes dus. Ik vind hun ijs enorm lekker. Alleen dat al is een reden om naar Amsterdam te gaan. En het ijs is natuurlijk, vrij van allergenen en bevat (onder andere) geen vis of weekdieren. Dat staat echt op hun site. Ik ga me pas echt zorgen maken als ik ijs met vis eet. En omdat het zo expliciet op hun site staat: zou dat echt voorkomen, ijs met vis of met weekdieren? In Scheveningen is het een heel ander verhaal. Daar zie je het vaker, ijs met vis. Alleen niet in dezelfde kraam gelukkig. En ik weet ook dat vis in ijs wordt bewaard om het koel te houden. Maar ja, dat ijs eet je niet. Genoeg overpeinzingen voor nu. Ik at gewoon ijs bij IJscuypje. Erg lekker ijs.

Fietsen

In Amsterdam fiets ik en loop ik. Ik vind dat leuk, je neemt je omgeving goed waar en het gaat – zeker in het centrum – veel sneller dan met de auto. Natuurlijk ben ik ook op de dam geweest. Samen met een paar duizend andere toeristen. En op de dam zag ik een echte ouderwetse poppenkast. De poppenkastspeler vertelde in onvervalst Amsterdams het verhaal. Gelukkig lekker eenvoudig. Jan Klaassen met een kussen waarop hij ff een dutje wilde doen. En een dief, stemmig gekleed in zwart witte strepen, die het kussen wilde stelen. Altijd leuk, veel interactie met het jonge publiek en lekker voorspelbaar. Ik vond het prachtig en de kinderen gelukkig ook. Wat kan het leven toch aangenaam simpel zijn. Ook in Amsterdam.

 

Muis
Next Post